| We houden het niet droog (Joël 3:1 - 5) |
|
|
|
| zondag, 09 oktober 2011 | |
|
Op een zaterdag in mei 2011 vond in Rijnsburg het vernieuwingsfestival van het Evangelisch Werkverband plaats (zie website). Op de toren van de oude Laurentius hing de vlag met het thema ‘als God de hemel opent’. Een prachtige ontmoeting van velen uit het hele land: samen met een open Bijbel, veel muziek, gebed, bemoediging en workshops. Als God de hemel opent... Als variant op ‘man bijt hond’ was er een camera die de voorbijgangers die vraag stelde. Uiteraard waren er diverse reacties. Als God de hemel opent, dan komt er vrede. …dan komt Jezus terug. …dan ga je hier dingen beleven die je niet voor mogelijk houdt; genezing, mensen gaan op een nieuwe manier met elkaar om. Joel 3, 1-5. Als God de hemel opent: dan houden we het niet droog. Daarna... zal Ik mijn Geest uitgieten op alle vlees. De achtergrond van Joel 3 is de bekende uitdrukking: de dag van de Heer. De dag dat de Here God recht zal spreken. Dat is een troostende gedachte: het kromme wordt uiteindelijk recht gemaakt en afrekent met alle vijandschap tegen zijn rijk. Maar het is niet alleen maar mooi. Want het is niet alleen maar bijltjesdag voor de anderen, de mensen buiten Israël: ook binnen zal God alles langs de meetlat leggen. Het is God die in dit kleine boekje zijn volk op de schouders tikt. Het Verbond dat Hij met zijn volk sloot heeft namelijk twee kanten: er is zegen of er is vloek. Zegen als de Heer gediend wordt en rekening gehouden wordt met zijn geboden, maar ook vloek als dat niet gebeurt. In Joel 2 zijn er sprinkhanen die gebruikt worden om het volk er bij te bepalen dat ze kwetsbaar is en dat zegen niet vanzelfspreekt. De velden waren kaal. Zo wordt het als God niet gediend wordt. Joel 3 spreekt over wat er daarna gebeurt: als er belijdenis is van fouten, als we erkennen dat we het niet goed deden. Dan is er opnieuw regen/zegen. God opent de hemel, toen, met Pinksteren, de hemel gaat heel wat keren open in de Bijbel. Joel 3 is een belofte voor Israel en al wie in Israël is ingelijfd. een stroom van zegening voor de volkeren. De volheid daarvan stroomt de eeuwen door, de wijde wereld in. Daarna: datis een antwoord op het bidden, op het smeken. Joel 3 is daarmee geen rad van fortuin, maar fontein van belofte. Zo zal God gaan doen. Toegepast op de doop. In de doop ontvangen we niet minder dan de volheid van de Geest. We mogen leven onder een open hemel, waar zegen vanuit stroomt. Een andere profeet, Jesaja 44 zegt: Ik zal mijn Geest uitgieten over je nageslacht. God wil zijn Geest massaal uitstorten: zonder reserve. Programmatisch mag dat worden ingevuld: de zegen over oud/jong, heel de gemeente. Joel is een doorbraak waarbij iedereen maar ook een ieder aan de beurt komt: het gaat om de mix van het individu en het collectief. Met de gemeente als geheel, maar ook ieder afzonderlijk in de gemeente. Wij ontvangen een Geest voor jong en oud. Het gebed voor de jonge generatie mag in deze kracht staan: laat ze een spirit hebben die gedrenkt is door uw Geest. Dat de kinderen van de gemeente voluit zullen leven voor het koninkrijk van God. Zij mogen er op die manier helemaal bij horen. Het is ook een zegening voor de ouderen: die mogen de bemoediging ontvangen dat geloof niet iets is van een voorbije generatie, maar ook in 2011 doorgaat. In de wereld sta je als oudere vaak buiten spel, maar in het krachtenveld van de Heilige Geest, mogen ook de ouderen volop meedoen. Een gebed voor iedereen in de gemeente: laat uw levend water over ons heenstromen. Nu, in deze tijd. Daar komt het wel op aan, om in die stroom te gaan staan. Het was de uitdrukking van Maarten Luther. ‘De zegen van God is als een regenwolk; als die voorbijgetrokken is, dan kan het droog worden’. Huiveringwekkende gedachte: de kraan weer dicht? De hemel weer dicht. Je zou het soms denken in de West-Europese samenleving. En laten we dat maar gewoon in al zijn huiveringwekkendheid laten staan: dat kan gebeurd zijn. Het kan gestopt zijn in ons leven, in onze omgeving, in onze tijd. Maar: God heeft altijd een daarna! Achter onze conclusie bijvoorbeeld t/a.v. de kinderen, de samenleving etc. Gods daarna te zetten. Iedere doop=vernieuwing: we staan in de krachtstroom van de Geest. De gemeente hoeft niet aan het infuus, maar mag onder de Gods zegen. Die stroomt onophoudelijk en de vraag daarbij is: hoeveel willen we ontvangen? De hele stroom, een beetje of een vol beekje: handen open! Herman Boon zei het ooit in een kinderliedje. Ben je al onder de douche geweest, de douche van de Heilige Geest, je knapt er van op... Het oude vuil er af, nieuw, rein voor U. Resultaat: frisse mensen, Het beurt je hart op, het heft je smart op, het fleurt je leven op. Johannes 4 geeft de profiel van een vrouw die op die manier de stroom van Gods Geest ervaart. Zij wordt een levendig mens. Wat zou het een zegen zijn als de barrières van het hart verdwijnen en de Geest kan binnenstromen. Stromen over ons. Stromen uit ons. Wie in de stroom gaat staan, wordt ook tot een stroom. Droog houden kunnen we het niet. Wie in de kracht van Pinksteren gaat staan, mag in een stroom van zegen gaan staan. Dan is er heel wat te vermelden van dingen die gebeuren. Er is een website over joel nieuws, allerlei berichten over wat de Geest wereldwijd doet: als de hemel open gaat heb je elkaar heel wat te vertellen. Eindhoven, de gemeente Kruispunt. De Dommel als een rivier, de stad, het hele land. Ons gebed klinkt: zend uw rivier. Nederland waterland, in elke stad, in elke dorp, in de straat, in elk huis. Alles onder zegen-water. Aan Gods stroom zal het niet liggen. die is onuitputtelijk. (Eindhoven, 9 oktober 2011, ds. M. van Duijn) |